Open Brief: Het rommelt in de veterinaire keuring

penHet rommelt in de veterinaire keuring

De keuring verloopt niet zoals het hoort. Er is in de laatste tien jaar veel veranderd in de sector, maar de keuring is niet mee geëvolueerd. Het kan beter.

Vroeger waren de keurders enkele uren per dag aanwezig, en toegegeven, de keuring was voor de meesten een goede bijverdienste. Het was aangenaam werken en het contact met de collega's was een pluspunt. Er waren veel gegadigden voor weinig jobs. Dat het uurloon niet al te hoog was, namen de meesten erbij. Tenslotte was het toch maar een bijverdienste en loonsverhogingen werden afgewimpeld onder het motto van: "Er zijn er genoeg wachtenden die staan te springen om uw job over te nemen (aan dit loon).".

Het slachttempo was veel lager dan nu. 25 à 30 runderen per uur tegenover bijna 50 nu, 7000 kippen per uur tot 12000 nu, en bij varkens is het slachttempo zelfs verdubbeld. Door de schaalvergroting van de laatste jaren zijn de werkdagen, en dus de keur-shiften langer geworden. De werkdruk is dus behoorlijk toegenomen.

Deze werkdruk zorgt er nu voor dat jongere dierenartsen de keuring links laten liggen. Weinigen zijn bereid om 6 uur of langer in het slachthuis aanwezig te zijn, want dit gaat ten koste van hun beginnende praktijk of andere bezigheden. Bovendien compenseert het lage uurloon niet voor de lange (en vaak ook vroege) shiften en de werkdruk.

De keuring wordt niet als volwaardige job bekeken.

In vergelijking met andere universitairen is het uurloon demotiverend laag. Men hoeft zelfs geen universitair diploma hebben om meer te verdienen, welke loodgieter zou voor 45€/uur om 3u 's ochtends uit zijn bed komen? Het wordt als een onderwaardering van ons diploma aangevoeld. In de buurlanden (Nederland) is het loon ook hoger, vandaar dat mensen liever over de grens gaan werken, als ze kunnen. Alsof dat nog niet genoeg is, mogen de mensen die wèl willen werken, op straffe van schorsing, niet eens meer dan een maximum van 114u per maand werken.

We worden immers ook beperkt in het aantal uren dat we per maand mogen presteren, het is dus onmogelijk om deze job als full time in te vullen. We mogen niet afhankelijk zijn van het FAVV alleen voor ons inkomen, zo werd ons altijd gezegd. Niet moeilijk dus, dat velen dit niet als hoofdberoep beschouwen.

Bovendien is er geen werkzekerheid. Pannes, voedselcrisissen en schorsingen kunnen het maandloon sterk beïnvloeden. Het statuut van zelfstandige maakt het zelfs mogelijk om je job van de een op de andere dag kwijt te raken.

En dus hebben we nu een tekort aan jonge gemotiveerde mensen in de keuring!

Er zijn niet meer genoeg wachtenden.

Alsof dat nog niet demotiverend genoeg is, laat de job inhoud ook te wensen over.

De keuring is subjectief, en zal dat altijd zijn. Vandaar dat het nodig is om mensen ter plekke te hebben die weten waar ze mee bezig zijn. Dierenartsen zijn vanwege hun opleiding 'van nature' geschoold genoeg. Wie kan beter beoordelen of een dier ziek is, of het dierenwelzijn niet in het gedrang komt?

Maar ook daar knelt het schoentje. Als een BMO dingen vaststelt die niet door de beugel kunnen, kan deze niet meteen ter plekke ingrijpen zoals het zou moeten. Dierenwelzijn wordt met de voeten getreden, wachttijden niet gerespecteerd. En wat kunnen wij doen: een melding sturen naar onze LCE. Tot grote frustratie leidt dit vaak tot niets. Tegen dat er eindelijk reactie komt, is het dier in kwestie al lang geslacht en de overtreder verdwenen. Of in het geval van de wachttijden, zorgt een efficiënte papiermolen dat het foute document reeds is geregulariseerd voor de dag om is.

Gerichte staalnamen zijn ook al uit den boze. Bij verdenking van fraude met de wachttijd, aanvoer van een ziek dier of andere onregelmatigheden, mogen we geen stalen nemen. We hebben dus ook daar geen middelen om onze verdenkingen hard te maken. Moeten we trouwens wel stalen nemen? Is onze expertise (diploma) niet voldoende om een dier ziek te verklaren? Een lot varkens waarvan we 90% moeten opzij hangen om de longen te laten opkuisen (omdat ze zo slecht zijn), is een ziek lot. Zieke dieren mogen niet aangevoerd worden, maar we hebben geen middelen om deze uit de voedselketen te weren.

Zelfs de meest gemotiveerde dierenarts zou het hoofd laten hangen.

Toch zijn er nog die niet opgeven. Mensen die zich dag in dag uit inzetten om te waken over de veiligheid van de voedselketen en de kwaliteit van ons voedsel. Er zijn nog mensen die tegen alle tegenkantingen in hun best doen. Zij zijn de stille werkers, die je zelden hoort. Want het is beter je kritiek te sparen en te blijven werken, dan je kop uit te steken bij het FAVV. De angst dat dit niet in dank zal worden afgenomen, zit er dik in. In de hand die je voedt, wordt best niet gebeten.

Nu de roep klinkt om het FAVV te hervormen, kunnen wij er enkel op hopen dat deze stille krachten gehoord zullen worden en dat men rekening houdt met de verzuchtingen van de mensen die dagdagelijks bezig zijn met de bescherming van de gezondheid van mens, dier en plant.

Met vriendelijke groeten,

Een groep nog steeds gemotiveerde keurders.

Download deze Open Brief als PDF »

BLOG COMMENTS POWERED BY DISQUS