Betreft: valorisatie AV-BMO

Sinds de publicatie van de valorisatie van de AV-BMO via intranet op 24/12/2015, regent het reacties vanuit het korps en dit zowel van AV-BMO als van BMO...

IVDB dierenartsenbelangen

12/03/2016

Geachte Heer Dochy,

Betreft: valorisatie AV-BMO

 

Sinds de publicatie van de valorisatie van de AV-BMO via intranet op 24/12/2015, regent het reacties vanuit het korps en dit zowel van AV-BMO als van BMO.

Enkele veelvuldig voorkomende uitspraken wil ik U niet onthouden: “ik heb dit niet gevraagd maar zal het niet verwerpen”, “onaanvaardbaar”, “buiten alle proporties”, “niet verstandig”, “fraudeaanzet”, “schandalig”, “demotiverend”, “vernederend”, “OCMW-allures (euro’s krijgen zonder werken)”.

Niet enkel op de ontwerper(s) van dit idee, maar eveneens op alle instanties (beroepsorganisaties, NGROD)* die deze valorisatie hebben goedgekeurd worden pijlen afgevuurd.

Velen hebben het niet enkel moeilijk met de superomvang van de valorisatie, maar daarenboven met de motivering daartoe: beschikbaarheid… ; verantwoordelijkheid…

Sta me toe dit even verder toe te lichten op basis van de reacties.

1. Beschikbaarheid buiten de normale slachturen.

Beschikbaarheid betekent volgens Van Daele: “zich ten dienste maken, stellen van...”. En inderdaad:

  • wie is in geval van slachting op zaterdag beschikbaar? De BMO.
  • wie is op buitengewone momenten (voor 6u en na 17u), in het holst van de nacht, soms bij barre weersomstandigheden of bij abnormaal late slacht- en keururen, steeds paraat? De BMO.
  • wie heeft zijn/haar nevenactiviteiten –hetzij spontaan, hetzij tengevolge van de rotatie– beëindigd om zich de klok rond (24/7) beschikbaar te stellen voor het FAVV? De BMO. Daar waar de AV-BMO veelal dicht bij de woonplaats functioneert, niet band- en minder tijdstipgebonden is (wat hem/haar toelaat zich ook beschikbaar te stellen voor anderen, zoals ooit officieel gepubliceerd**), en dus minder voor het FAVV in vergelijking met die BMO.
  • wie is bereid om ver van de woonplaats zich ook soms voor kleinere keuropdrachten beschikbaar te stellen? De BMO.
  • wie kan zich netjes juist dat aantal opdrachturen beschikbaar stellen of aanmeten als het hem/haar toegekende opdrachtvolume? De AV-BMO. Wie moet zich, in tegenstelling hiermee, voltijds beschikbaar stellen om via vervangingen –gebaseerd op verworven en bewezen vertrouwen– soms niet op voorhand gepland, op de meest ongepaste momenten, ver van huis, zijn/haar toegestane opdrachtvolume zien vol te krijgen? De BMO.

Begrijpelijk dat voor wie als BMO dit alles presteert ten dienste van zijn opdrachtgever, het lezen van de AV-bonus als een zware ontgoocheling wordt ervaren, of als het incasseren van een klap in het aangezicht.

2. Grotere verantwoordelijkheid

Iedereen is verantwoordelijk voor zijn/haar daden. Elke BMO controleert; noteert in “livre de bord”; maakt ckecklisten en pressops; bemonstert; neemt keuringsbeslissingen; brengt gegevens in Sanitrace in; enz. De AV-BMO controleert zijn BMO’s; maakt samenvattingen van gegevens opgemaakt door de BMO’s; maakt infofiches;…

De verantwoordelijkheid, zoals deze zich heden voordoet, is niet de verantwoordelijkheid van één persoon (de ploegbaas), maar is de gedeelde verantwoordelijkheid van alle leden van het team, van meerderen dus. Deze gedeelde verantwoordelijkheid kan enkel ten goede komen aan de werking en de opdracht van het FAVV in het algemeen. Dit leidt tot één standpunt, één drijfveer, namelijk: gezamenlijke inzet en maximale motivatie.

Nu AV-BMO hiervoor een extra zou worden toegekend, ervaart de medewerkende BMO dit als een zware miskenning en oppert de idee: “U, AV, wordt er extra voor vergoed; neemt u dan ook maar die verantwoordelijkheid voor uw rekening. Voor wat hoort wat.”

Kortom, deze valorisatie, zoals vandaag verspreid, riskeert negatief te werken; de gezonde krachtdadige teamspirit en tevredenheid van weleer te verpesten.

3. Omvang van de valorisatie.

Deze is gesteund op diverse criteria. AV-BMO’s waarvan de situatie niet beantwoordt aan de criteria blijven in de kou staan, alhoewel net zij het zijn die geen BMO rond zich hebben om de verantwoordelijkheid en inzet te delen. Deze AV-BMO’s voelen zich (al dan niet terecht) tekort gedaan.

Wat wordt het bij rotatie van de AV-BMO? AV x van slachthuis 1 met valorisatie, naar slachthuis 2 zonder valorisatie en AV y van 2 naar 1. Geluk (thuiswerk, win for life) en ongeluk zijn maar tijdelijk en liggen soms maar enkele kilometers van elkaar.

TOT SLOT

  1. Er zijn BMO’s die de mening zijn toegedaan dat sommige hardwerkende AV-BMO’s een extra verdienen, maar voegen eraan toe dat de huidige geformuleerde valorisatie synoniem staat aan “grote verspilling”, dit in een tijd van besparingen.
  2. Jaren zijn er overheen gegaan, vele vergaderingen werden georganiseerd, diverse nota’s opgesteld over het honorarium en het “bewuste quotum”. Nu er globaal genomen tevredenheid bestaat binnen het korps wordt dit verbroken.
  3. We mogen niet vergeten dat er steeds meer wetenschappelijke bewijzen zijn die aantonen dat meer geluk en tevredenheid op de werkvloer de mensen productiever maakt. De meeste bedrijven hebben nauwelijks gelukkige werknemers. Tot 2015, na 10 jaar FAVV, behoorden we tot deze laatste groep en het moet onze gemeenschappelijke betrachting zijn deze toestand as soon as possible te herwinnen en te handhaven.

Bij deze verzoek ik U dan ook de AV-BMO-valorisatie te verdagen naar later; deze opnieuw op de agenda te plaatsen van het overlegcomité, deze er bespreekbaar te stellen en eventueel pas toepasselijk te maken na het bekendmaken van nieuwe instructies.

Hartelijk dank.

Hoogachtend.

Dr De Smedt Patrick

Voorzitter IVDB/DVK

brief av bmo

* In de jaren 1990 zetelden 2 lic toezicht op eetwaren van dierlijke oorsprong in het overlegorgaan IVK-BO. Deze stelden voor om de lic beter te betalen ter compensatie van de gelden die deze studie had gekost en ter compensatie van de opdrachturen welke ze hadden “verloren” door de cursus te volgen. Er leek voldoende budgettaire ruimte daar het IVK op 01/09/1990 uit zijn reserves 800 miljoen frank aan de schatkist kon “storten” (conclusie van de sector: we betalen teveel keur- en controlerechten). Na overleg werd besloten om de lic eerder met opdrachten te belasten in de transformatiesector en ook niet meer dan dat.

** Uit de parlementaire voorbereiding tot oprichting van het IVK, vandaag FAVV: “Ik ga ervan uit dat de zelfstandige keurders geen wettelijke garantie kan gegeven worden voor het behoud van een inkomen uit de keuring en dat deze dierenartsen een privépraktijk hebben. De keuringsopdrachten moeten dus zodanig georganiseerd worden dat ze de uitoefening van een privépraktijk niet onmogelijk maken.” (brief van Staatssecretaris voor Volksgezondheid van 17 februari 1987 met kenmerk V4/EM/13247/43)


Iedere BMO'er mag haar/zijn suggesties i.v.m. deze brief overmaken aan het secretariaat van het IVDB/DVK, per mail of per post (Secretariaat IVDB/DVK - Heidestraat 72 - 3500 Hasselt). Discretie verzekerd.